2. Onderwijsaanbod en ondersteuning

2.1 Onderwijsrichtingen en leerwegen

Op onze school kun je verschillende onderwijsrichtingen volgen, namelijk Voorbereidend Entree onderwijs, MBO Entree, Praktijk en Arbeidsgericht onderwijs. Samen met jou en je ouder(s)/opvoeder(s) kijken we welke leerroute het beste bij je past en welke stappen je kunt zetten richting vervolgonderwijs, werk of een andere passende plek.

Binnen het voortgezet speciaal onderwijs werken we toe naar een uitstroomprofiel dat aansluit bij jouw perspectief. Het uitstroomperspectief wordt vastgelegd in je ontwikkelingsperspectiefplan (OPP) en regelmatig met jou en je ouder(s)/opvoeder(s) besproken en bijgesteld.

Afhankelijk van jouw leerroute kun je toewerken naar een diploma, certificaten of een andere passende afronding van je schoolloopbaan. Je wordt hierbij begeleid door docenten en andere professionals, zodat je goed voorbereid bent op de volgende stap.

Voorbereidend Entree onderwijs (VROC) Binnen het VROC-traject brengen we de jongeren schoolse vaardigheden bij die zij nodig hebben om door te stromen naar de interne Entreeopleiding. Ook zullen de jongeren in deze periode laten zien dat zij stage kunnen lopen op een externe stageplek. De duur van het traject is afhankelijk van de voortgang van de jongere, gemiddeld doen jongeren een half jaar tot een jaar over dit traject. Binnen het VROC-traject wordt gewerkt met thematisch onderwijs. De onderwerpen die binnen de Entreeopleiding een grote rol innemen, worden hier uitvoerig behandeld. Voor de vakken Nederlands en Rekenen wordt gewerkt met de methode Deviant. Jongeren werken op referentieniveau 1F. Voor het vak Burgerschap wordt gewerkt met de methode Kies 1. Daarnaast wordt er lesgegeven in de vakken Studievaardigheden, Werknemersvaardigheden (methode: Strux) en sociale vaardigheden. Daarnaast worden voor Nederlands aanvullende onderdelen behandeld, waaronder het schrijven van een boekverslag, het houden van een spreekbeurt en het schrijven van sollicitatiebrieven en een CV. Om door te stromen naar de Entreeopleiding zullen de jongeren onder begeleiding van de mentor een assessment doen, een deel van dit assessment wordt gedurende het VROC-traject afgenomen. Er wordt gewerkt met o.a. een checklist waarin de schoolse en stagevaardigheden worden beoordeeld. Als blijkt dat de doorstroom naar de Entreeopleiding niet haalbaar is, wordt samen met de jongere en betrokkenen bekeken wat een passende volgende stap is. Dit kan een doorstroom zijn naar een Intern Stage Bedrijf (ISB) of richting een werkplek.

Entreeopleiding (MBO1 in samenwerking met het Albeda College) Jongeren met een positief advies uit de VROC-klas kunnen in september of februari instromen in de Entreeklas. Dit verloopt in samenwerking met het Albeda Startcollege. Zij nemen dan ook de examinering voor hun rekening, waarbij de opleiding afgesloten wordt met een Entreediploma. Voor de vakken Nederlands en Rekenen wordt hoofdzakelijk gewerkt met de methodes van Deviant, referentieniveau 2F. Voor het vak Burgerschap wordt gewerkt met de methode Kies 2. De opleiding duurt één schooljaar. Het onderwijs dat aangeboden wordt, ligt op het referentieniveau 2F. Halverwege de opleiding krijgt iedere jongere een studieadviesgesprek. Hierin wordt het vervolgtraject van de jongere vastgelegd: 1) Na het behalen van een diploma stroomt de jongere door naar arbeid. De jobcoach zal hierin begeleiding bieden. 2) De jongere stroomt door naar een reguliere MBO 2 opleiding. De Entreedocent zorgt voor een goede overdracht naar de volgende school. 3) De opleiding wordt stopgezet. De jongere stroomt door naar een ISB of er worden

Interne stagebedrijven (ISB) Binnen het ISB wordt praktijkgericht onderwijs gegeven. Jongeren leren in interne en externe stages competenties en vaardigheden die zij nodig hebben om door te stromen naar de arbeidsmarkt. Ook worden ze ondersteund bij het vinden van een zinvolle vrijetijdsbesteding. Jongeren verwerven werknemersvaardigheden in een intern stagebedrijf. Deze werknemersvaardigheden zijn binnen het Educatief Centrum verdeeld over tien competenties, te weten: Afspraken nakomen, Leervermogen, Doorzettingsvermogen & Motivatie, Samenwerken & Collegialiteit, Communiceren, Nauwkeurigheid, Zelfstandigheid, Productiviteit, Representativiteit, Stressbestendig en flexibel zijn. Wekelijks wordt de voortgang op deze competenties besproken met de jongere. De jongere kan zich gedurende het traject op iedere competentie ontwikkelen van een beginner naar een expert. Op die manier worden de verworven competenties in kaart gebracht.

  • ISB Horeca

Binnen het intern stagebedrijf Horeca leren de jongeren de basispraktijkvaardigheden van het vak Horeca. Jongeren verzorgen de horecaopdrachten binnen school onder begeleiding van de interne stagebegeleider, o.a. het bereiden en uitserveren van de lunch op school. Wanneer zij voldoende werknemersvaardigheden hebben opgedaan, is de volgende stap dat de jongeren onder begeleiding van de interne stagebegeleider externe opdrachten verzorgen, o.a. catering en het meedraaien in een restaurant. Jongeren kunnen uitstromen naar een extern bedrijf. Het Educatief Centrum heeft verschillende samenwerkingsrelaties met externe partijen. Dit verloopt via begeleiding van de jobcoach.

  • ISB Maritiem en Techniek (M&T)

Dit is een combinatie traject van de bedrijven Ambacht en Maritiem. In de Maritieme leerlijn worden jongeren opgeleid tot Lichtmatroos in de binnenvaart. Het principe van Ambacht wordt breder getrokken op het gebied van elektra, klein onderhoud, hout etc. en wordt de Technische leerlijn genoemd. Hiervoor zijn bedrijven benaderd die jongeren kunnen begeleiden. In de Technische leerlijn worden jongeren opgeleid om (allround) te kunnen werken in de technische (installatie)bedrijven. Dit is Allround op het gebied van Electra, renovatie, motortechniek, hout. Jongeren kunnen uitgezet worden in het werkveld als Zonnepanelenmonteur, onderhoudsmedewerker, allround technicus, loodgieter, houtbewerker, isolatiemonteur, Hef- en of reachtruckchauffeur etc.

De M&T bestaat uit blokken waarin jongeren theoretische en praktische lessen in het lokaal volgen. De jongeren krijgen theorielessen voor de IVIO-vakken Nederlands, reken, Engels en Burgerschap. Daarnaast hebben jongeren de mogelijkheid tot het behalen van hun GPI, BHV, VCA, Hef- en Reachtruck. BHV en GPI/VCA zijn verplichte certificaat om te behalen. Het streven vanuit het Educatief Centrum is om minimaal één IVIO-certificaat te behalen. Beginners beginnen met het doorlopen van de opdrachten die vanuit de leerlijn aangeboden worden en ze maken een start met werken met het werkportfolio. Hierin staat voorop dat ze de basisbeginselen leren. Er wordt zowel op het Educatief Centrum als tijdens de stageperioden gewerkt aan de eisen die vanuit de partnerbedrijven worden gesteld om te werken in het werkveld.

Een van de partnerbedrijven is Unica. Zij beschikt over een interne bedrijfsschool waarbij jongeren opgeleid kunnen worden richting een MBO-diploma via het Albeda college of Zadkine. Dit is een mogelijkheid na een positieve stageperiode, een positieve beoordeling aan de hand van de tien competenties van het Educatief Centrum en bij voldoende interesse.

Extern traject Op het Educatief Centrum is er een mogelijkheid om door te stromen naar een extern traject. Jongeren die hun Entree diploma hebben behaald en besluiten om niet verder te leren op het MBO kunnen ervoor verkiezen om te gaan werken. Daarnaast zijn er jongeren die in een werkveld willen werken waar wij geen passend intern stagebedrijf voor hebben. Denk hierbij aan een jongere die kapper wil worden. Jongeren die in onze interne stagebedrijven voldoende groei en ontwikkeling hebben doorgemaakt en die willen en kunnen uitstromen naar werk kunnen we ook via het extern traject laten uitstromen. De meeste jongeren volgen nog tussen de 1 en 3 ochtenden in de week lessen in de bedrijfsklas. Daarnaast worden ze begeleid door de jobcoach (in samenwerking met de docent van de Bedrijfsklas) richting een stage- of werkplek. De lessen worden op maat aangeboden zodat ze passend zijn bij de plek waar de jongere naartoe uitstroomt.

Daarnaast worden er bij jongeren vanaf 17 jaar bekeken of aanmelding voor het doelgroepenregister wenselijk is. Het doelgroepenregister is een register waarin mensen staan die vallen onder de doelgroep van de banenafspraak. De banenafspraak is een afspraak tussen het kabinet en de werkgevers om te zorgen voor extra banen voor mensen met afstand tot de arbeidsmarkt. Hierdoor kunnen jongeren vanuit de gemeente meer ondersteuning krijgen bij het vinden van een baan. Daarnaast krijgt de mogelijke werkgever loonkostenvoordeel. Dit is een financiële tegemoetkoming voor de werkgever. De kans is groter dat de jongere op een werkplek aan het werk kan waar mogelijkheden zijn voor extra ondersteuning.

Bedrijfsklas De jongeren van de ISB Horeca en jongeren van het extern traject kunnen binnen de bedrijfsklas theoretisch onderwijs volgen. Het aanbod bestaat uit: Algemeen Vormend Onderwijs - AVO (Nederlands, Rekenen en Engels), Burgerschap, beroepsoriëntatie, sollicitatietraining en branchegerichte certificaten. Het deelnemen aan de bedrijfsklas is voor onze jongeren optioneel. Dit doen we omdat we het belangrijk vinden dat jongeren bewust hebben gekozen voor een praktijkgerichte opleiding. De theoretische kant leek hun niet meer te liggen. We stimuleren jongeren om hun zelfredzaamheid te vergroten. Hierdoor volgt veelal deelname aan de bedrijfsklas, zodat gericht op hun toekomst besloten wordt om passende diploma’s en certificaten te behalen.

Veel voorkomende uitstroomrichtingen binnen de entreeopleiding op het Educatief Centrum zijn:

  • assistent verkoop/retail
  • assistent logistiek
  • assistent dienstverlening en zorg

Na de entreeopleiding kun je gaan werken als assistent of doorstromen naar mbo niveau 2.

Zorg en welzijn

  • Helpende Zorg en Welzijn
  • Medewerker Facilitaire Dienstverlening

Techniek

  • Installatiemonteur
  • Timmerman

Economie en handel

  • Retailmedewerker

Logistiek

  • Logistiek Medewerker
  • Chauffeur Wegvervoer

Op het Educatief Centrum wordt arbeidsgericht gewerkt. Enkele uitstroomrichtingen op het gebied van arbeid zijn in de Logistiek, zorg en dienstverlening en de bouw. Indien jongeren nog niet klaar zijn om te werken en wel 18 jaar zijn hebben wij een samenwerking met de Nieuwe Kans.

2.2 Leerstofaanbod en methodieken

We werken met lesprogramma’s die aansluiten bij jouw niveau en tempo. Daarbij gebruiken we methodes die bewezen effectief zijn en die jou helpen om kennis en vaardigheden op te bouwen.

Op basis van zowel methodegebonden als methode-onafhankelijke toetsen, externe onderzoeken en gesprekken met jou en je ouder(s)/opvoeder(s), kijken we naar de mogelijkheden en onderwijsbehoeften. Het onderwijsaanbod van iHub voldoet aan de kerndoelen zoals deze door de overheid zijn omschreven.

Op het Educatief Centrum wordt gewerkt met de Deviant methodes voor de basisvaardigheden Nederlands, Rekenen en Burgerschap.

Binnen het VROC-traject wordt gewerkt met thematisch onderwijs. De onderwerpen die binnen de Entreeopleiding een grote rol innemen, worden hier uitvoerig behandeld. Jongeren werken op referentieniveau 1F. Voor het vak Burgerschap wordt gewerkt met de methode Kies 1.

Voor de vakken Nederlands en Rekenen wordt hoofdzakelijk gewerkt met de methodes van Deviant, referentieniveau 2F. Voor het vak Burgerschap wordt gewerkt met de methode Kies 2.

Gedurende het traject in ISB Horeca doorlopen jongeren opdrachten waarbij zij certificaten kunnen behalen, dit volgens de opdrachten van Kas en Bas (SVH).

Leerlingen uit het ISB Horeca en Maritiem en techniek die in de bedrijfsklas krijgen, krijgen les op niveau. Zij kunnen les krijgen op de niveau’s onder 1F, 1F, 2F en 3F. Zij zijn verplicht om de vakken Nederlands, Rekenen en Burgerschap te volgen. De lessen van digitale vaardigheden zijn nog in ontwikkeling.

De voortgang van de jongeren wordt gevolgd aan de hand van methode gebonden toetsen, observaties, reflecties en CVB-jongerebespreking. Op basis van deze evaluaties wordt beoordeeld of het huidige onderwijsaanbod passend blijft of dat aanpassingen in instructie of ondersteuning noodzakelijk zijn. In het onderwijsaanbod wordt gewerkt met drie verschillende arrangement op didactische differentiatie. Het gaat hierbij om het basisarrangement, Verdiept arrangement en Intensief arrangement.

Basisarrangement Jongeren werken op het basisniveau en volgen het reguliere lesprogramma. In dit arrangement is de jongere gebaat bij klassikale uitleg en verlengde instructie waar nodig. Tijdens de lessen krijgen jongeren de ruimte om vragen te stellen wanneer de leerstof nog niet volledig duidelijk is. Daarnaast kunnen zij ondersteuning ontvangen van zowel de leerkracht als van klasgenoten. Binnen de groep wordt ook gebruikgemaakt van coöperatief leren, waarbij jongeren elkaar kunnen helpen wanneer dit door de leerkracht wordt gestimuleerd of gevraagd. Jongeren in deze groep zijn in staat om zelfstandig verder te werken en kunnen omgaan met uitgestelde aandacht van de leerkracht.

Verdiept arrangement Voor jongeren ingeschaald in het verdiept arrangement geldt dat zij het reguliere onderwijsprogramma volgen, maar in staat zijn om de leerstof met meer zelfstandigheid en diepgang te verwerken. Deze jongeren begrijpen de instructie doorgaans snel en kunnen na de klassikale uitleg zelfstandig aan het werk. Zij zijn in staat om effectief om te gaan met uitgestelde aandacht van de leerkracht en werken doelgericht verder aan hun taken. Binnen de groep tonen jongeren een actieve en oplossingsgerichte leerhouding. Daarnaast beschikken zij over voldoende sociale en cognitieve vaardigheden om samen te werken met klasgenoten.

Intensief arrangement De jongere ingedeeld in het intensief arrangement heeft extra ondersteuning nodig bij het begrijpen en uitvoeren van opdrachten en werkt met vereenvoudigde taken. De jongere ontvangt klassikale instructie met verlengde instructie. De docent biedt frequente begeleiding, controleert afgeronde onderdelen en stimuleert de jongere tot actief meedenken en het stellen van vragen. Daarnaast kan de jongere ondersteuning krijgen van zowel de docent als klasgenoten.

2.3 Inrichting onderwijsprogramma eerste twee leerjaren en vakoverstijgende programmaonderdelen

In de eerste tijd bij ons op school wordt het onderwijs zodanig ingericht dat leerlingen kunnen wennen aan de school en zich kunnen ontwikkelen op het gebied van leren, samenwerken en zelfstandigheid. In deze periode wordt de onderwijs- en ondersteuningsbehoefte zorgvuldig in kaart gebracht en vormt deze de basis voor het verdere onderwijsaanbod.

Het onderwijs bestaat uit een breed aanbod van vakken, waaronder Nederlands, rekenen/wiskunde, burgerschap, sociale en maatschappelijke vaardigheden, bewegingsonderwijs en creatieve vakken. Daarnaast is structureel aandacht voor de ontwikkeling van algemene vaardigheden zoals plannen, samenwerken, zelfstandig werken, omgaan met feedback en het versterken van studievaardigheden.

Binnen het onderwijs wordt gewerkt met multidisciplinaire teams. Mentoren volgen de ontwikkeling van leerlingen en fungeren als eerste aanspreekpunt. Vakdocenten verzorgen het onderwijs binnen hun expertisegebied, terwijl onderwijsprofessionals samenwerken met zorg- en jeugdhulpspecialisten om waar nodig aanvullende ondersteuning te bieden. Onderwijsassistenten en ondersteunend personeel dragen bij aan structuur, herhaling en praktische begeleiding. Regelmatig multidisciplinair overleg zorgt voor afstemming tussen alle betrokken professionals.

De ontwikkeling van leerlingen wordt gedurende deze periode systematisch gevolgd, waarbij zowel cognitieve als sociaal-emotionele en praktische vaardigheden worden meegenomen.

2.4 Inrichting onderwijsprogramma en vakoverstijgende programmaonderdelen

Het Educatief Centrum biedt onderwijs aan leerlingen met een ondersteuningsbehoefte, waarbij het onderwijs en de begeleiding worden afgestemd op de mogelijkheden, ontwikkeldoelen en het perspectief van de leerling. Vanaf de start wordt de onderwijs- en ondersteuningsbehoefte in kaart gebracht en vertaald naar doelen die zijn vastgelegd in het ontwikkelingsperspectiefplan (OPP). Het onderwijs richt zich op een brede ontwikkeling, waaronder de kernvakken Nederlands, rekenen/wiskunde, burgerschap en bewegingsonderwijs, aangevuld met activiteiten en begeleiding gericht op sociale ontwikkeling, praktische vaardigheden en zelfredzaamheid.

Binnen het onderwijs is aandacht voor het ontwikkelen van executieve functies zoals plannen, samenwerken, zelfstandig werken en reflecteren. Mentoren fungeren als eerste aanspreekpunt en bewaken samen met betrokken professionals de voortgang van de leerling. Het team werkt in kleine onderwijsgroepen en bestaat uit mentoren, vakdocenten en ondersteunende specialisten zoals intern begeleiders en gedragswetenschappers. De intern begeleider coördineert de leerlingenzorg, terwijl de gedragswetenschapper het team ondersteunt bij complexe onderwijs- en ontwikkelingsvragen. Daarnaast zijn jobcoaches en stagebegeleiders betrokken bij de voorbereiding op uitstroom.

Loopbaanoriëntatie en -begeleiding (LOB) is structureel ingebed in het onderwijs en richt zich op het ontdekken van interesses, het opdoen van praktijkervaring en het ontwikkelen van werknemersvaardigheden. Afhankelijk van het perspectief wordt toegewerkt naar vervolgonderwijs, arbeid of een passende dagbesteding. Het Educatief Centrum werkt hierbij samen met werkgevers, gemeenten, het Jongerenloket, praktijkscholen en andere regionale partners om een passende uitstroom te realiseren.

Voor leerlingen met een uitstroomrichting naar het mbo wordt een Voorbereidend ROC-traject (VROC) aangeboden, dat leerlingen voorbereidt op instroom in een mbo Entree-opleiding. Dit traject combineert onderwijs met praktijkleren en stages en richt zich op zowel vakinhoudelijke als arbeidsvoorbereidende vaardigheden. Daarnaast biedt het Educatief Centrum in samenwerking met het Albeda College een Entree-opleiding (mbo niveau 1) aan, waarin leerlingen volgens het officiële curriculum worden opgeleid en examinering plaatsvindt op basis van theorie, praktijkopdrachten en portfolio’s. Bij succesvolle afronding ontvangen leerlingen een erkend mbo-diploma niveau 1. In beide trajecten is aandacht voor taal, rekenen, burgerschap en praktische vaardigheden zoals omgaan met geld en zelfredzaamheid.

Het Educatief Centrum werkt in de aanmeld- en plaatsingsfase samen met de school van herkomst om de onderwijs- en ondersteuningsbehoefte zorgvuldig in beeld te brengen. Na plaatsing is het Educatief Centrum verantwoordelijk voor het onderwijs en de begeleiding van de leerling. Gedurende het traject wordt de voortgang structureel geëvalueerd met de leerling, ouders/verzorgers en betrokken professionals.

2.5 Ontwikkelingsperspectiefplan (OPP): opstellen, evalueren, betrokkenen

Binnen zes weken na de start op school wordt in samenspraak met de leerling en ouder(s)/opvoeder(s) een ontwikkelingsperspectiefplan (OPP) opgesteld. Hierin worden de onderwijsdoelen, de benodigde ondersteuning en het verwachte uitstroomniveau vastgelegd. Het OPP vormt de basis voor de afstemming van het onderwijs op de ontwikkeling van de leerling en wordt minimaal jaarlijks geëvalueerd en waar nodig bijgesteld. Daarnaast bespreekt de Commissie voor Begeleiding (CvB) de ontwikkeling van leerlingen periodiek om te beoordelen of het onderwijs en de ondersteuning nog passend zijn.

De mentor en/of intern stagebegeleider (ISB’er) monitort de voortgang ten opzichte van de doelen in het OPP en signaleert tijdig wanneer bijsturing nodig is. Regelmatig vinden voortgangsgesprekken plaats met de leerling en ouder(s)/opvoeder(s), waarin de ontwikkeling en de gestelde doelen worden besproken. Daarnaast wordt de voortgang structureel geëvalueerd in multidisciplinaire leerlingbesprekingen met betrokken professionals, waaronder de CvB, pedagogische ondersteuning en waar relevant de jobcoach of andere specialisten.

De ontwikkeling van leerlingen wordt vastgelegd in het leerlingvolgsysteem Somtoday. Voor de sociaal-emotionele ontwikkeling wordt aanvullend gebruikgemaakt van het instrument Zien!vo, waarmee het functioneren en de ontwikkelingsbehoeften in beeld worden gebracht. Op basis van alle beschikbare informatie wordt het onderwijs en de ondersteuning waar nodig bijgesteld.

2.6 Doorstroming, toetsing, examinering en voortijdig schoolverlaten

We volgen jouw ontwikkeling tijdens je schooltijd met observaties, toetsen, praktijkopdrachten en gesprekken. Zo krijgen we een goed beeld van wat je al kunt en waar je nog verder in kunt groeien. De resultaten gebruiken we om het onderwijs en de begeleiding zo goed mogelijk op jou af te stemmen.

In sommige onderwijsroutes werk je toe naar een diploma. Als dat voor jou van toepassing is, bereid je je voor op school- of staatsexamens. Je krijgt hierbij begeleiding van je docenten en we bespreken ruim van tevoren wat dit voor jou betekent en welke ondersteuning je kunt krijgen.

De school houdt ook bij hoeveel leerlingen doorstromen binnen de school en naar vervolgonderwijs, werk of een andere passende plek. Daarnaast kijken we naar het percentage leerlingen dat slaagt voor het eindexamen en het aantal leerlingen dat de school verlaat zonder diploma. Deze resultaten worden jaarlijks bekeken en geanalyseerd. Zo kunnen we het onderwijs blijven verbeteren en leerlingen zo goed mogelijk begeleiden naar een passende vervolgplek.

Leerlingen worden op twee manieren didactisch getoetst. Dit is op basis van de methode gebonden toetsen en de IVIO examens. Methode gebonden toetsen van Deviant zijn toetsen die aansluiten op de lesmethode. Hiermee wordt getoetst of leerlingen de behandelde lesstof beheersen. De resultaten geven inzicht in de ontwikkeling van de leerling en geven inzicht op door te kunnen stromen naar de Entree klas. De methode gebonden toetsen worden elke zeven á acht weken getoetst. IVIO-examens zijn landelijke, erkende toetsen voor onder andere Nederlands, rekenen en Engels. Deze examens worden twee keer per jaar afgenomen en sluiten aan bij het niveau van de leerling om de ontwikkeling en beheersing van basisvaardigheden in kaart te brengen. Zowel de methode gebonden toetsen als proefexamens van IVIO zijn een voorbereiding voor de examens. Tijdens examens krijgen de leerlingen de ondersteuning waar nodig. Dit is persoonsafhankelijk.

Leerlingen van het Educatief Centrum stromen na hun traject uit naar een passende vervolgplek. Dit kan mbo (niveau 2), werk (met of zonder ondersteuning), dagbesteding of in enkele gevallen terugkeer naar regulier onderwijs zijn. Het doel is altijd om een zo passend mogelijke en duurzame plek voor de leerling te vinden.

2.7 Ondersteuningsdriehoek

We werken met een ondersteuningsdriehoek, waarbij jij, je ouder(s)/opvoeder(s) en de school nauw samenwerken. We bespreken regelmatig hoe het gaat, welke stappen je maakt en wat jij nodig hebt.

2.7.1 Basisondersteuning: wat biedt de school standaard aan alle leerlingen

Op onze school krijgt iedere leerling een basisaanbod aan ondersteuning. Dit noemen we de basisondersteuning. Dit zijn de voorzieningen en vormen van begeleiding die voor alle leerlingen beschikbaar zijn binnen de school en binnen het samenwerkingsverband.

De basisondersteuning zorgt ervoor dat jij onderwijs krijgt in een veilige, duidelijke en ondersteunende omgeving. Dit betekent onder andere dat we werken met structuur in de klas, een voorspelbare dagindeling en duidelijke afspraken.

Binnen de basisondersteuning besteden we aandacht aan een veilig schoolklimaat, een goede relatie tussen leerlingen en medewerkers en een duidelijke pedagogische aanpak. We ondersteunen je bij het ontwikkelen van vaardigheden zoals samenwerken, omgaan met emoties, plannen en zelfstandig werken. Wanneer dat nodig is, kijken we samen hoe we het onderwijs of de begeleiding binnen de klas kunnen aanpassen.

De basisondersteuning wordt door het schoolteam geboden. De basisondersteuning uit zich in houding en waarden die hun basis hebben in een sterk mentoraat, PBS, TSO en de ART (zie uitleg hieronder). De mentoren en ISB-ers richten zich op individuele jongeren maar ook op de groep als geheel. Op klassenniveau komen zaken aan de orde zoals studievaardigheden, maatschappelijke thema’s en sociale vaardigheden. Naast dat de mentor hier met jongeren aan werkt is ook de commissie van begeleiding hier nauw bij betrokken. En ook de pedagogisch ondersteuners hebben hier een belangrijke rol in. Door tijdens de individuele en voortgangsgesprekken over onze verschillende werkwijzen te praten en jongeren hierin inspraak te geven proberen we onze werkwijzen af te stemmen op de behoefte van onze jongeren.

Het Educatief Centrum staat voor een klimaat dat gebaseerd is op respect voor jezelf, de ander en de omgeving. Het pedagogische klimaat is erop gericht dat:

  • Onze jongeren positieve ervaringen opdoen en het prettig vinden om aanwezig te zijn.
  • We onze jongeren kennen en geïnteresseerd zijn in wat ze willen, kunnen en doen.
  • De jongere zelf doelen stelt en wij hem/haar ondersteunen en sturen waar dit nodig is.
  • Onze jongeren zichzelf kunnen zijn en er een vertrouwensband wordt opgebouwd.
  • Er ruimte is voor ieders mening en dat de interne stagebegeleider en mentor voor rust zorgen tijdens hun lessen.
  • Er wordt gewerkt met het principe van herstelrecht. Deze aanpak stelt de veroorzakers van onrecht in staat om misstappen constructief te herstellen. Conflicten worden voorkomen of aangepakt.

We werken op het Educatief Centrum met een vast rooster. We gebruiken de Somtoday app waarmee jongeren kunnen zien wat hun rooster is en of er mogelijke aanpassingen zijn op dit rooster. Bij veranderingen in het rooster worden jongeren en ouders en betrokkenen altijd middels app, mail of persoonlijk op de hoogte gesteld. De manier hoe er vanuit school gecommuniceerd wordt is afhankelijk wat er voor iedere jongere en ouder als prettig wordt ervaren.

2.7.2 Extra ondersteuning (intensieve/specialistische): aanvullende begeleiding, expertise, voorzieningen

Soms heeft een leerling meer ondersteuning nodig dan de basisondersteuning die alle leerlingen krijgen. In dat geval kan de school extra ondersteuning bieden. Deze ondersteuning is bedoeld om ervoor te zorgen dat jij zo goed mogelijk kunt leren en je prettig kunt ontwikkelen op school.

Extra ondersteuning kan op verschillende manieren worden georganiseerd. Dit kan bijvoorbeeld bestaan uit individuele begeleiding, extra ondersteuning in de klas of begeleiding door gespecialiseerde professionals binnen of buiten de school. De school kijkt steeds wat het beste past bij jouw ondersteuningsbehoefte.

Binnen de school werken verschillende deskundigen samen om leerlingen goed te begeleiden. Wanneer dat nodig is, wordt ook samengewerkt met externe partners.

Als extra ondersteuning nodig is, bespreken we dit altijd samen met jou en je ouder(s)/opvoeder(s). De afspraken over de ondersteuning en de doelen waar we aan werken worden vastgelegd in jouw ontwikkelingsperspectiefplan (OPP). We evalueren regelmatig of de ondersteuning nog goed aansluit bij wat jij nodig hebt.

Wanneer een jongere meer ondersteuning nodig heeft om tot leren te komen, brengen we de samenhang van de leefgebieden school, thuis en vrije tijd in kaart. Een coach begeleidt de jongeren intensief op deze leefgebieden, zowel binnen als buiten de school. Op dit gebied werken we samen met School2Care Ambulant en IJC JOZ. Indien er andere hulpverleningsinstanties betrokken zijn, werken we daarmee samen.

Binnen dit aanbod valt ook OZA-specifiek. Het Educatief Centrum werkt samen met de gemeente Rotterdam met OZA-specifiek arrangementen om jongeren met complexe problematiek te ondersteunen. De OZA-ondersteuning wordt binnen het Educatief Centrum aangeboden door onze pedagogisch ondersteuners. Deze medewerker heeft toegang tot het jongerenvolgsysteem, wat de uitwisseling van informatie en dossiervorming vergemakkelijkt. De begeleiding richt zich op relatieopbouw, coaching, gedragsregulatie en het ontwikkelen van sociale vaardigheden. Korte dagelijkse check-ins bieden structuur, veiligheid en reflectiemomenten. De voortgang van jongeren wordt in overleg met ketenpartners en pedagogisch medewerkers gemonitord, waarbij onderwijsdeelname, motivatie, thuissituatie en vrijetijdsbesteding centraal staan. De samenwerking wordt continu geëvalueerd om interventies en afspraken effectief af te stemmen. De evaluatie hiervan wordt elke maand gedaan middels de anonieme rapportage die aangeleverd moet worden richting Enver en gemeente. En de rapportage voor school wordt in ons leerlingvolgsysteem Somtoday bijgehouden door de pedagogische ondersteuning.

2.8 Grenzen aan ondersteuning: wat kan de school niet bieden

Soms is de ondersteuning die jij nodig hebt groter dan wat wij kunnen bieden. Dan kijken we samen met ouder(s)/opvoeder(s) en het samenwerkingsverband naar een plek die beter aansluit. We vinden het belangrijk om hier eerlijk en transparant over te zijn, en we betrekken je ouder(s)/opvoeder(s) bij elke stap.

​​De school kan geen passend onderwijs voor een leerling organiseren als er sprake is van:

  • Een leerling die, ondanks ingezette interventies, niet (meer) tot onderwijs/leren komt.
  • Een leerling die, ondanks ingezette interventies, onvoldoende vooruitgaat in het reguleren van zijn emoties.
  • Een leerling die (ondanks interventies) niet in een klas van 14 leerlingen tot onderwijs komt.
  • Een leerling met een verstandelijke beperking of extra medische dan wel fysieke ondersteuningsbehoefte.
  • Ouder(s)/opvoeder(s) die niet achter de onderwijsvisie van de school kunnen staan.

2.9 Loopbaanontwikkeling en -begeleiding (LOB)

In de hogere leerjaren staat de voorbereiding op vervolgonderwijs, arbeid en dagbesteding centraal. Leerlingen oriënteren zich op verschillende beroepen en sectoren, doen praktijkervaring op via stages en ontwikkelen de vaardigheden die nodig zijn voor een passende vervolgstap. De school biedt hierbij loopbaanoriëntatie en -begeleiding (LOB), waarbij de persoonlijke mogelijkheden, interesses en toekomstperspectieven van de leerling leidend zijn.

Naast het reguliere LOB-aanbod biedt de school aanvullende loopbaanbegeleiding, gericht op een succesvolle overgang naar vervolgonderwijs, arbeid of een andere passende vervolgvoorziening. Deze begeleiding kan bestaan uit individuele coaching, ondersteuning bij stage- en beroepskeuzes, bedrijfsbezoeken en het versterken van loopbaancompetenties.

Het Educatief Centrum beschikt over een uitgebreid netwerk van stage- en samenwerkingspartners, waardoor leerlingen praktijkervaring kunnen opdoen en worden voorbereid op een passende uitstroom. Afhankelijk van de mogelijkheden en ondersteuningsbehoeften van de leerling wordt toegewerkt naar regulier werk, een beschermde of beschutte werkplek of een andere passende vervolgvoorziening. Daarbij wordt samengewerkt met onder meer praktijkscholen, werkgevers, gemeenten, het Jongerenloket en andere regionale partners om een duurzame en passende uitstroom te realiseren.ontdek je wat voor werk bij je past en wat je leuk vindt. Je maakt kennis met verschillende beroepen en doet ervaring op in de praktijk. Samen met je mentor of begeleider kijk je welke vaardigheden je nodig hebt en hoe je die verder kunt ontwikkelen, zodat je een goed beeld krijgt van je toekomstige mogelijkheden.

Onze school biedt aanvullende loopbaanbegeleiding naast de reguliere LOB. Dit omvat persoonlijke begeleiding tijdens én na de opleiding, extra bedrijfsbezoeken, hulp bij stage- en studiekeuzes en versterking van loopbaanvaardigheden. Deze extra begeleiding sluit aan bij de landelijke inzet om studenten beter te ondersteunen richting vervolgopleiding en werk.

Het Educatief Centrum heeft een groot netwerk aan partners waar jongeren kunnen stagelopen, maar ook kunnen uitstromen naar werk. We hebben een netwerk gericht op reguliere arbeidsplekken. Soms is het inzetten van een beschermde of beschutte werkplek passend voor een jongere. Bij het zoeken van deze plekken wordt samengewerkt met onder andere onze partnerschool voor praktijkonderwijs de Villeneuvestraat. Maar ook hebben we goed contact met de gemeenten en kunnen ze vanuit het Jongerenloket of initiatieven vanuit de andere gemeenten doorgeplaatst worden naar de passende werkplek.

Volgende pagina

3. Plaatsing en samenwerking

Lees verder